De bedrijven uit Vlaanderen op de kaart gebracht

Vlaanderen is het noordelijke deel van België, waar hoofdzakelijk Nederlands wordt gesproken, terwijl in Wallonië, het zuidelijke deel van het land, vooral Frans wordt gesproken. Deze twee gebieden zijn op zich echter geen deelstaten van België, dat is ingedeeld in gewesten en gemeenschappen met elk een eigen regering en parlement. Doordat de instellingen van het Vlaams Gewest – bevoegd voor onder meer economie, werkgelegenheid, openbare werken en landbouw – en die van de Vlaamse Gemeenschap – bevoegd voor onder meer cultuur, onderwijs en welzijn – werden samengevoegd, ontstond één enkele Vlaamse overheid bestaande uit het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering. In politieke zin slaat het begrip “Vlaanderen” dus op deze eengemaakte entiteit. Het Vlaams Parlement en de Vlaamse Regering zijn gevestigd in Brussel, hoewel Vlaanderen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest – naast de Franse Gemeenschap, die er eveneens haar hoofdstad heeft – daar enkel zijn gemeenschapsbevoegdheden kan uitoefenen. In het Vlaams Gewest, inclusief de Brusselse Rand, is de Vlaamse overheid voor al haar bevoegdheden de enige bevoegde instantie en is het Nederlands de enige officiële taal op alle overheidsniveaus.

Vlaanderen heeft in de tweede helft van de 20e eeuw een sterke groei van industriële sectoren gekend, zoals de staalindustrie, de textielindustrie, de auto-industrie en de farmaceutische industrie. De staalindustrie is met de Gentse staalreus Sidmar, nu een onderdeel van Arcelor Mittal, min of meer overeind gebleven. De textielindustrie heeft sinds de jaren zeventig echter zware klappen gekregen. De massaproductie is grotendeels verschoven naar lagelonenlanden, vooral in Azië. Toch kent de sector sinds de jaren 1990 een geleidelijke heropbloei. De Vlaamse textielsector mikt nu vooral op hoogtechnologische toepassingen in het industrieel textiel en ook nog altijd in hoogwaardige tapijten en kleding. De auto-industrie is nog altijd een zeer belangrijke vorm van tewerkstelling. Maar na de sluiting van Renault Vilvoorde in de jaren 90 en zware herstructureringen bij Ford Genk, Volkswagen Vorst en Opel Antwerpen is ook die sector sterk achteruitgegaan. Vlaanderen heeft tegelijkertijd wel een uitgebreide diensteneconomie ontwikkeld, bijvoorbeeld in logistiek en transport. Nadeel daarvan is wel dat die erg afhankelijk is van de economische conjunctuur.

Vlaamse Economie

De Vlaamse economie is sterk verankerd in de globale wereldeconomie omwille van haar centrale ligging in Europa en de rol die Brussel speelt als hoofdstad van de Europese Unie (EU). De Vlaamse, Belgische en Europese hoofdstad is de vijfde meest gegeerde stad als vestigingsstad in Europa[35] Tal van multinationals en niet-gouvernementele organisatie’s (ngo’s) kiezen dan ook voor de hoofdstad als hun Europese of regionale hoofdzetels zoals onder meer Microsoft, General Electric, IBM, Toyota, Monsanto, Pfizer en Levi Strauss & Co. Andere sterke aantrekkingspolen voor bedrijven vormen de luchthaven van Zaventem (onder andere TNT) en de havens van Antwerpen (onder andere BASF, Bayer, Coca Cola en Total S.A.) en Brugge-Zeebrugge (onder andere Toyota, Tropicana, Bridgestone en Fluxys).

Bekende Vlaamse bedrijven met internationaal succes zijn/waren onder andere spraaktechnologiebedrijf Lernout & Hauspie (Ieper), mediaconcern De Persgroep (Kobbegem), bank en verzekeraar KBC Groep (Brussel), autoproducent Minerva (Antwerpen), AB InBev (Brussel, o.a. Stella Artois, de grootste bierproducent ter wereld), Barco (Kortrijk, digitale cinemaprojectoren en medische beeldschermen), micro-elektroicafabrikant Melexis (Ieper), beeldsensorenontwikkelaar Cmosis (Berchem, ontwikkelaar van beeldsensoren voor machinevisie en professionele camera’s), Biobest (Westerlo, biologische bestuiving en bestrijding), textielmachinefabrikant Van de Wiele (Kortrijk) en Picanol (Ieper, weefmachines), groente- en fruithandelaar UNIVEG (Sint-Katelijne-Waver), chemiereus Agfa-Gevaert (Mortsel), Soudal (Turnhout, voegkitten, polyurethaanschuim en lijmen), vrachtwagen en busproducent Van Hool (Koningshooikt, tankcontainers voor speciale gassen), opslagfirma Tabaknatie (Antwerpen, pslag van tabak), softwareontwikkelaars Skyline Communications (Izegem, DataMiner-software), Larian Studios (Gent, computerspelletjes) en SoftKinetic (Brussel, software voor bewegingsherkenning).

Eveneens noemenswaardig zijn Emulco (Gent, emulsietechnieken), Radionomy (Brussel, wereldspeler op het vlak van internetradio), Reynders Label Printing (Boechout, wereldspeler van etiketten voor farmaceutische industrie), Orfit Industries (Wijnegem, wereldspeler in de productie van kunstoffen maskers voor bestralingstherapie), geneesmiddelenfabrikanten Janssen Pharmaceutica en Omega Pharma, biotechbedrijf ThromboGenics (Leuven, specialist in cardiovasculaire aandoeningen en oogziekten), afdichtingenproducent HTMS (Mechelen), supermarktketen Colruyt (Halle), staaldraadproducent Bekaert (Kortrijk), chocoladefabricant Côte d’Or, suikerbietzadenproducent SES Vanderhave (Tienen), speelkaartenproducent Cartamundi (Turnhout), materiaalgroep Umicore (Brussel, wereldleider voor recyclage en verwerking van edele metalen en is een van de grootste producenten voor oplaadbare lithiumbatterijen), broedmachinesfabrikant Petersime (Olsene), kranenproducenten Vlassenroot (Groot-Bijgaarden, wereldwijd marktleider in telescopische kranen) en Sarens (Wolvertem), televisieproducent Studio 100, logistiek dienstverlener Katoen Natie (Antwerpen) en baggerfirma’s De Nul (Aalst) en DEME (Zwijndrecht)